Kan de curator optreden namens een beperkte groep schuldeisers?
De Hoge Raad buigt zich momenteel over de vraag of een curator namens individuele schuldeisers of een groep schuldeisers een procedure tegen derden mag voeren wanneer deze schuldeisers de curator daarvoor een last of volmacht hebben gegeven. Hoewel de Hoge Raad nog arrest moet wijzen, heeft A-G Snijders recent over deze vraag een conclusie genomen.
Het hof meent dat de Deliveroo-criteria ook gelden voor de kwalificatie van de uitzendovereenkomst, en past deze criteria aldus toe in zijn beoordeling. Doorslaggevend bij deze beoordeling is niet het label dat partijen op de overeenkomst plakken, maar de daadwerkelijke uitvoering van de overeenkomst.
De zaak in vogelvlucht
De curatoren van CARe Schadeservice B.V. (hierna: “CARe”) wilden namens een beperkte groep schuldeisers een schadevergoedingsprocedure starten tegen Rabobank en een voormalig bestuurder.
Volgens de curatoren heeft Rabobank de financiering van CARe uitgebreid terwijl zij wist, althans had moeten weten, dat CARe geen reëel toekomstperspectief meer had. Daarnaast wordt de voormalig bestuurder verweten dat hij de bedrijfsactiviteiten van CARe heeft voortgezet met diezelfde wetenschap. Door dit handelen zouden bepaalde schuldeisers schade hebben geleden. Van belang is dat niet alle schuldeisers door deze gedragingen zijn benadeeld, maar slechts een beperkte groep schuldeisers.
Om namens deze beperkte groep schuldeisers te kunnen procederen, hebben de curatoren van CARe met hen een overeenkomst van lastgeving gesloten. Aan de Hoge Raad is de vraag voorgelegd of de curatoren van CARe als lasthebber namens deze beperkte groep schuldeisers mogen procederen.
Procederen door de curator
Een curator kan, met machtiging van de rechter-commissaris, een procedure tegen een derde starten als de gezamenlijke schuldeisers door deze derde zijn benadeeld. In dat geval kan een de curator een vordering tot schadevergoeding uit onrechtmatige daad tegen deze derde instellen. Deze vordering wordt ook wel de Peeters/Gatzen-vordering genoemd.
Kenmerkend van de Peeters/Gatzen-vordering is dat sprake is van benadeling van alle schuldeisers. Het optreden voor individuele schuldeisers of een beperkte groep schuldeisers valt buiten de taak van de curator. Een curator kan dan ook geen Peeters/Gatzen-vordering instellen als enkel een deel van de schuldeisers is benadeeld.
De curatoren van CARe hebben met deze beperkte groep schuldeisers een overeenkomst van lastgeving gesloten. Over de vraag of een curator toch bevoegd is om te procederen namens een beperkte groep schuldeisers, als hij voor hen als lasthebber (of gevolmachtigde) optreedt, wordt getwist.
De conclusie van A-G Snijders
A-G Snijders beantwoordt de voorliggende vraag negatief: de curator kan enkel en alleen zijn wettelijke taak uitoefenen en daarmee enkel voor de gezamenlijke schuldeisers opkomen. Het procederen namens een beperkte groep schuldeisers vormt geen onderdeel van de wettelijke taak van de curator. Dit is niet anders als de curatoren als lasthebber of gevolmachtigde voor deze beperkte groep schuldeisers zouden optreden.
In zijn conclusie besteedt A-G Snijders nog enige aandacht aan de praktische voordelen die de curatoren naar voren hebben gebracht, maar dit leidt niet tot een andere uitkomst. Weliswaar beschikken de curatoren over bijzondere informatie die zij in hoedanigheid van curator hebben ontvangen, maar deze informatie mogen zij niet gebruiken buiten hun wettelijke taak, zoals voor de uitoefening van de vorderingen van de individuele schuldeisers. Bovendien hebben de curatoren weliswaar ervaring op het gebied van procederen en kan het doelmatig zijn vanuit kostenperspectief, maar de individuele schuldeisers kunnen (al dan niet gezamenlijk) een advocaat in de arm nemen, die hun belangen behartigt. Daarmee treft ook het argument van ‘doelmatigheid’ geen doel.
Belang voor de praktijk
Uit de conclusie van A-G Snijders volgt dat een curator niet kan opkomen voor de belangen van individuele of een beperkte groep schuldeisers, ook niet op basis van een overeenkomst van lastgeving.
Als een curator tot de conclusie komt dat een beperkte groep schuldeisers door het handelen van een derde is benadeeld, kan deze curator geen procedure voeren tegen deze derde. Immers, daarvoor is vereist dat alle schuldeisers zijn benadeeld, hetgeen niet altijd het geval hoeft te zijn. In dat geval zullen schuldeisers zelf actie moeten ondernemen, indien zij menen (en kunnen aantonen) dat zij door deze derde zijn benadeeld.
Arrest van de Hoge Raad volgt …
De conclusie van A-G Snijders geeft alvast een duidelijke inkijk in een mogelijke uitkomst, maar het is en blijft afwachten hoe de Hoge Raad gaat oordelen: volgt de Hoge Raad het standpunt van de curatoren van CARe óf het standpunt van de Rabobank en voormalig bestuurder.