Op grond van de Mededingingswet (“Mw”) dient een overname bij de Autoriteit Consument en Markt (de “ACM”) te worden gemeld indien de betrokken ondernemingen de toepasselijke omzetdrempel overschrijden. De oorspronkelijke gedachte achter de omzetdrempel was dat overnames van bedrijven die onder de drempels blijven niet snel concurrentieproblemen zullen veroorzaken. Op 6 november 2023 pleitte de bestuursvoorzitter van de ACM, Martijn Snoep, voor onder meer een uitbreiding van de bevoegdheden van de ACM in de vorm van een zogenaamde “call-in” bevoegdheid. Wij schreven hier eerder al een blog over. Inmiddels zijn er een aantal ontwikkelingen op dit gebied.
Aanleiding wetsvoorstel Wet inroepingsbevoegdheid ACM
Op 25 juni 2025 is het wetsvoorstel Wet inroepbevoegdheid ACM ingediend bij de Tweede Kamer. In de Memorie van Toelichting wordt opgemerkt dat het uitgangspunt, dat alleen concentraties (zoals een overname) boven bepaalde omzetdrempels verstorend kunnen werken, niet langer houdbaar is. In het bijzonder kunnen seriële overnames problematisch zijn. Van seriële overnames is sprake als dezelfde onderneming in de loop van de tijd meerdere kleinere bedrijven in dezelfde sector overneemt, samenvoegt en tot een groot bedrijf omvormt. Dit wordt ook wel “kralenrijgen” genoemd. Het gaat veelal om concentraties die ieder afzonderlijk beneden de wettelijke omzetdrempels blijven en om die reden buiten de reikwijdte van het toezicht en, in beginsel, de handhavingsmogelijkheden van de ACM vallen.
De wetgever merkt op dat niet alleen het kralenrijgen tot concurrentieproblemen kan leiden. Ook komt voor dat overnames onder de omzetdrempels in kleine lokale of niche markten tot negatieve gevolgen voor consumenten kunnen leiden. Ook komt het voor dat grote bedrijven kleine innovatieve spelers, met een geringe omzet, in een vroeg stadium van hun ontwikkeling overnemen. Deze laatste zogenaamde “killer acquisitions” ontnemen de samenleving de voordelen van deze innovatieve spelers, omdat hun concurrentiekracht in de kiem wordt gesmoord.
Het wetsvoorstel Wet inroepbevoegdheid ACM
Het wetsvoorstel introduceert een nieuwe paragraaf (artikelen 49a tot en met 49e) in de Mw. Op grond van artikel 49a Mw heeft de ACM het recht om een onderneming te verzoeken gegevens of documenten te verstrekken die redelijkerwijs nodig zijn om te beoordelen of een concentratie, niet zijnde een concentratie boven de omzetdrempels als bedoeld in artikel 29 Mw, de daadwerkelijke mededinging op de Nederlandse markt of een deel daarvan op significante wijze zou kunnen belemmeren, met name als dat het resultaat is van het in het leven roepen of versterken van een economische machtspositie. Dit verzoek dient te worden gedaan binnen vier weken na de vroegste van de volgende tijdstippen: (a) het tijdstip waarop een van de bij de concentratie betrokken ondernemingen het voornemen om de concentratie tot stand te brengen in Nederland publiek kenbaar heeft gemaakt; (b) het tijdstip waarop de ACM kennis verkrijgt van het voornemen om de concentratie tot stand te brengen; of (c) zes maanden na het tijdstip waarop de overeenkomst waarmee de concentratie tot stand wordt gebracht van kracht wordt.
Indien de ACM van oordeel is dat er aanleiding bestaat om aan te nemen dat een concentratie als bedoeld in artikel 49a Mw, de daadwerkelijke mededinging zou kunnen belemmeren, dan legt de ACM een verplichting op om de concentratie te melden en is het verboden om de concentratie tot stand te brengen voordat het voornemen daartoe aan de ACM is gemeld en vervolgens vier weken zijn verstreken. In de periode van vier weken deelt de ACM mee of voor het tot stand brengen van de concentratie een vergunning is vereist.
Deskundigen hebben in de consultatiefase erop gewezen dat de call-in bevoegdheid tot rechtsonzekerheid leidt. Voorafgaand aan een overname kan een onderneming mogelijkerwijs onvoldoende beoordelen of de concentratie zal worden onderworpen aan een ACM toets. Het is daarom belangrijk dat de wetgever deze wensen uit de praktijk meeneemt. Te denken valt bijvoorbeeld aan het opnemen van een drempel, waarbij de overnemende partij de verhoogde drempel van 30 miljoen euro moet halen, maar de overgenomen partij hoeft dat niet. Kleine overnames door grote ondernemingen kunnen dan wel worden getoetst, maar kleine overnames door kleinere bedrijven niet. Ook zal de ACM aan de hand van een leidraad vooraf duidelijk maken waar zij op let bij het mogelijk inroepen van haar bevoegdheid. Tot slot bestaat de mogelijkheid voor een onderneming om door middel van een simpel online formulier snel uitsluitsel te krijgen over de voorgenomen transactie. De verwachting van de ACM is dat slechts een gering aantal concentraties op basis van het wetsvoorstel zullen worden getoetst.
Het coalitieakkoord 2026-2030
In de maand dat het wetsvoorstel is ingediend bij de Tweede Kamer is het kabinet-Schoof gevallen met als gevolg dat het wetsvoorstel enige tijd heeft stilgelegen. In het coalitieakkoord 2026-2030 schrijven de beoogde coalitiepartijen dat de overheid kiest voor economische groei, waarbij wordt ingezet op innovatie, verduurzaming en verhoging van productiviteit. Om een gezonde marktwerking te bevorderen geeft de wetgever de ACM als marktmeester twee nieuwe instrumenten: de zogenaamde call-in bevoegdheid en de new competition tool. De wetgever geeft aan in de uitwerking te zorgen voor het beperken van regeldruk en onzekerheid.
Het is nog onduidelijk wanneer de Wet inroepbevoegdheid ACM, indien aangenomen, in werking zal treden. Wij zullen de ontwikkelingen over het wetsvoorstel volgen en u - samen met onze collega’s van mededingingsrecht - hierover informeren.
Voor meer informatie kunt u contact op nemen met Mark Huizenga en/of Ilse Ekkel.